Kan poëzie troosten?

Laat ik de vraag wat concreter stellen: kunnen de gedichten uit Lopen op los zand iemand die ziek is troosten?

Een poëtisch antwoord van Erwin Steyaert. 

 

Ik twijfel er sterk aan. Wie net de diagnose kanker heeft moeten aanhoren, of te horen heeft gekregen dat de medische middelen uitgeput zijn, zal niet naar een gedicht grijpen om er troost uit te putten. Die mens ligt zo verpletterd onder de woorden dat geen ander woord hem daaronder uit krijgt. Hier zal de magie van de taal niet werken. Zwijgzame aanwezigheid behoeft hij. Tedere lichaamstaal, geen geschreven tekst. En indien wel tekst, dan wellicht in de eerste plaats fragmenten uit de persoonlijke bloemlezing waaraan hij als lezer in zijn leven heeft gebouwd. En niet alle mensen zijn lezers …

Maar voor de “overlever” die zijn ziekteproces achter de rug heeft of voor de onfortuinlijke “achterblijver” die de noodzakelijke rouwarbeid doorworsteld heeft, kan de lectuur van onze gedichten misschien wel een moment van herkenning stichten. Daartoe hebben onze gedichten afstand nodig. Een schilderij waar je met je neus tegen staat, zal je niets zeggen. Alleen van op de gepaste afstand vallen kleur en compositie samen in een zinvol geheel dat wondere roerselen kan wekken in de beschouwer. Zo ook met gedichten, denk ik. Alleen wie al gevorderd is in de aanvaarding van wat het leven hem heeft aangedaan, kan onze verzen laten spreken. Misschien zullen ze door een woord, beeld, of een gedachte het verdriet, de vrees, de pijn weer tot leven wekken. Iemand die sterk geëmotioneerd was na het horen van een van onze gedichten, noemde dat goede tranen. Dat was heel mooi gezegd: goede tranen. Verdriet dat helder wordt: sereniteit. Het blijft verdriet, maar zonder het troebele van een vernietigende absurditeit, revolte of woede. Als enkele van onze verzen konden bijdragen tot dit existentieel effect, zouden wij als dichters al heel veel bereikt hebben. Geen troost, neen, want het verdriet wordt niet weggenomen. Maar een soort “transformatie” van het verdriet: verdriet doorstraald van luciditeit. Verdriet dat misschien eindelijk gedeeld kan worden omdat het op een gelukkige manier onder woorden is gebracht.

 

Apologie

Neem mijn woeker niet persoonlijk.
Ik ben het resultaat van een proces:

een eiwit op een rare plaats,
een ketting met een valse kraal,
een klok die sneller dan zijn slinger slaat.

Het is niet tegen u bedoeld en allerminst de straf
voor een vergrijp. Link mij niet aan een fout.
Uw zonde laat mij koud. Uw lijden is rein.
Een zuiver lot. Zonder reden doe ik pijn.

Dien gerust klacht in bij uw DNA of bij een god.
Er is geen tribunaal bevoegd. Ze kennen er
niet eens mijn naam. Ik tik maar wat
met mijn stok langs uw genetisch materiaal.

© Erwin Steyaert

Advertenties

Reacties zijn gesloten.

Een WordPress.com website.

Omhoog ↑